1992
De Anfängerkurs bij de Bergsteigerschule Adelboden.
- Hoogte: 3243 m
Juli 1992: De vierde dag van onze 'Anfängerkurs'. Dit wordt 'm dan, de prachtige top waar ik al jarenlang van droom, terwijl ik er op m'n vakanties in Adelboden naar staar. We gaan vroeg op, ontbijten snel en vertrekken rond 4.30u vanuit de Lämmerenhütte (2507m). De aanloop naar de gletscher, bij doodse stilte en maanlicht, verloopt snel. Stijgijzers onder, aan het touw en de gletscher op. Nog 2 uurtjes stijgen, een vrij stijl sneeuwcouloir met nog harde sneeuw als enige enige hobbel, en om 8 uur staan we op de Grossstrubel (3242m). Het is kraakhelder en we hebben een fantastisch uitzicht over zo'n beetje heel Zwitserland. In de diepte zien we de Engstligenalp en daarachter Adelboden. We vertrekken redelijk snel westwaarts over de vrijwel vlakke sneeuwtafel van de Wildstrubelgruppe. De bovenlaag van de sneeuw is nog bevroren en bij ongeveer de helft van de stappen zak je tot je knieën weg. Vermoeiend maar mooi. We bereiken een klein uurtje later de één meter hogere Wildstrubel.
Het is een uur of tien en kraakhelder blauw. Gids Christian voorspelt echter slecht weer en in twee touwgroepen van drie dalen we af. Ons groepje wordt geleid door Peter, Carin volgt en ik sluit de rij. Als Carin halverwege door een sneeuwbrug in een smalle spleet wegzakt, vergeet ik in m'n schrik alles wat ik gisteren bij de 'Ausbildung auf der Gletscher' geleerd heb. Peter echter steekt in een fractie van een seconde z'n pickel diep in de sneeuw en Carin blijft daardoor keurig op het randje hangen. Ze klimt er uit, en in rap tempo halen we de achterstand op de eerste touwgroep in. Als we tegen twaalven bij de hut aankomen, knallen hagelstenen van een dikke centimeter om onze oren. Een uurtje eerder was er geen wolk te zien.
Ik heb de Wildstrubel gedaan, YES!
- Hoogte: 2735 m
Juli 1992: De tweede dag van onze 'Anfängerkurs'. Vanaf de Engstligenalp over een graat, later door 'Geröll', tot het pad doodloopt tegen een verticale wand. Gids Christian Wäfler zegt droog dat we nu omhoog moeten. We verklaren 'm voor gek.
Christian klimt zelf voor. De eerste haak zit ongeveer drie meter rechtsboven ons startpunt. Vandaar kun je verticaal toch al tientallen meters naar beneden stuiteren en we staan met knikkende knieën. In een mum van tijd is Christian een meter of twintig weg. Hij maakt een standplaats, laat ons nakomen en slechts één touwlengte verder, we wurmen ons door een smal couloir, is daar reeds de top; m'n eerste echte beklommen top!
Boven hebben we hooguit 2 vierkante meter zitruimte, net genoeg om allemaal te kunnen zitten. Iedereen tekent het Gipfelbuch. Carin schrijft 'Nooit meer...'. Ze ziet om zich heen slechts vertikale afgronden en verroert geen vin. Christian bereidt de Abseilstelle voor.
Na de Klettergarten van gisteren is dit m'n eerste echte vertikale abseil: langs het touw 30m naar een onzichtbare plaats afzakken is toch heel wat anders dan die paar metertjes in de klimhal. Het loopt me dun door m'n broek.
Na de afdaling gaan we via de Chindbettipass, over de Tälligletscher en via de Rote Totz Lücke; in krap 4 uur naar de Lämmerenhütte. Na een berg Bergsteigeressen geeft Christian de instructies voor de sneeuw- en ijsdag van morgen. Erg kort daarna gaat bij ons het lampje uit, letterlijk en figuurlijk.